Dingen die ons bezig houden
Hoezo gaat het niet goed?

Het gaat niet goed in Sluis. Ik hoor het vaak. Bij de kapper en op straat. Wat er precies niet goed gaat wordt niet helemaal duidelijk. Sommige mensen zijn boos op een wethouder. Anderen weten dat het allemaal door “ die ambtenaren” komt.
De burgemeester moet met de vuist op tafel slaan, vinden weer anderen. Het is waar, er is een wethouder weggelopen uit een raadsvergadering toen haar collega toegaf dat hij een motie over een brede school in Oostburg niet kon uitvoeren omdat onenigheid in het college de uitvoering blokkeert. Het is waar dat de kans dat het college ooit een vriendenclub wordt klein is.
Wat niet waar is, is dat de verhoudingen in de gemeenteraad onverminderd slecht zijn. Het gaat juist veel beter dan, laten we zeggen, twee jaar geleden. Eigenlijk zijn er veel dingen die de goede kant op gaan in Sluis. Eerlijk gezegd is er reden voor een voorzichtig optimisme.
In Sluis was het gebruikelijk dat de begroting ( wat denken we dat het allemaal gaat kosten) en de uitvoering van de begroting ( wat kost het nu echt) helemaal niets met elkaar te maken hadden. Jaar op jaar werd met een flink te kort werd afgesloten. Het huishoudboekje van de gemeente werd eigenlijk niet beheerd en het leek er sterk op dat iedereen maar wat deed. Bezuinigingen die werden afgesproken werden niet gehaald. Vaak was het bij het bedenken van besparingen al duidelijk dat het niets zou gaan opleveren.
Op dit moment is de begrotingsdiscipline enorm toegenomen. Het besef dat er financieel beheer moet zijn begint gaandeweg in de organisatie vaste voet aan de grond te krijgen. Wat we denken dat het gaat kosten komt tegenwoordig heel aardig overeen met de werkelijkheid. Aan het eind van het jaar sluiten we niet meer automatisch af met een tekort.
Ook de manier waarop de gemeente werkt raakt meer gestructureerd. De chaos wordt wel degelijk ingedamd. U leest daarover natuurlijk niets in de krant. Goed nieuws is tenslotte geen nieuws. Veel leuker is het te schrijven over de incidenten en de poppetjes.
Toen de gemeente Sluis-Aardenburg en Oostburg gingen fuseren is gekozen voor het gelijk flink aan de gang gaan met allerlei plannen. Het reorganiseren van het ambtenaren apparaat werd achterwege gelaten. Een gemiste kans.
De inzet van de fusie was dat het allemaal beter, goedkoper en slagvaardiger zou gaan worden.
Als je twee gemeenten samenvoegt dan verwacht je dat je minder mensen nodig gaat hebben dan het totaal van de personeelsbestanden. Daarnaast verwacht je inspanningen van het management om van twee organisaties met hun eigen cultuur, een nieuwe club te maken. Niets van dit alles.
Het huidige college heeft het wel aangedurfd om de reorganisatie van het ambtenarenapparaat op te pakken. Het aantal ambtenaren is na de fusie gestegen tot ruim boven de oorspronkelijke 220, terwijl vergelijkbare gemeenten het met grofweg 150 à 170 personeelsleden af kunnen.
Verandering levert onzekerheid op. Onzekerheid leidt dan weer tot weerstand. Deze reorganisatie vormt daarop geen uitzondering. Natuurlijk is het niet vreemd dat mensen die jarenlang leidinggevende zijn geweest niet blij zijn dat een nieuwe organisatiestructuur minder leidinggevenden bevat, en het zomaar kan dat je geen hoofd van een afdeling meer zult zijn.
Sluis heeft de weg naar boven ingeslagen. Dat betekent niet dat het morgen allemaal geregeld is. Er zullen nog heel wat zure appeltjes gegeten moeten worden. Helder Zeeuws zal daar niet voor weg lopen.
|